Condensatie

Condensatie is de meest voorkomende vorm van vocht in gebouwen. Het is een groter probleem in nieuwe en gerenoveerde gebouwen dan in oude of historische gebouwen. Het in de lucht aanwezige water dat condensatie veroorzaakt, komt hoofdzakelijk voort uit de 'levensstijl' van de bewoners, vooral koken, baden en algemene doodnormale bezigheden als ademen. Deze bronnen, in combinatie met onvoldoende ventilatie (thermische beglazing, dichten van kieren, vermijden van natuurlijke tocht) veroorzaken de grootste problemen.

Wat is condensatie?

Lucht bevat een zekere hoeveelheid waterdamp. De maximale hoeveelheid waterdamp (verzadiging) die lucht kan bevatten, is afhankelijk van de temperatuur. Hoe hoger de temperatuur, hoe meer waterdamp de lucht kan opnemen.

De relatieve vochtigheid (R.V.) van de lucht is de verhouding tussen de partile dampdruk en de verzadigingsdampdruk bij dezelfde temperatuur. Wanneer men lucht met een bepaalde relatieve vochtigheid afkoelt, ontstaat er bij een gegeven temperatuur condensatie. Deze temperatuur wordt dauwpunt van de lucht genoemd. Wanneer de vochtige lucht in contact komt met een oppervlak waarvan de temperatuur lager is dan het dauwpunt, ontstaat oppervlaktecondensatie. Het dauwpunt van de lucht is hoger naarmate de relatieve vochtigheid van de lucht toeneemt.

Condensatie is het gevolg van dampproductie binnen in een gebouw, niet van natte muren! Een voorbeeld: een verzadigd muuroppervlak van 8m geeft 35ml verdamping per dag. 4  5 mensen geven samen 14 tot 17 liter af per dag! Wel is het zo dat natte muren een lagere oppervlaktetemperatuur hebben dan droge en dus kan zich op deze plaats oppervlaktecondensatie voordoen, vaak met schimmelvorming tot gevolg.

Oppervlaktecondensatie

De oorzaak van oppervlaktecondensatie ligt bij het in aanraking komen van vochtige lucht met een koud oppervlak. Naarmate de vochtige lucht dichter bij de koude wand komt, koelt hij af waardoor de R.V. verhoogt. Vlak tegen het koude muuroppervlak zakt de temperatuur tot onder het dauwpunt en vloeibaar water verschijnt als condensatie op het oppervlak.

Oppervlaktecondensatie in kelders

Tal van kelders zijn 'vochtig', hieronder verstaan we dat de kelder geen last heeft van waterinfiltratie, maar dat de kelder toch niet bruikbaar is omdat alles wat gestockeerd wordt onmiddellijk klam en muf wordt door oppervlaktecondensatie. Dit is een typisch verschijnsel bij kelders waar vroegere keldergaten werden dichtgemaakt of kelders waar in oorsprong zeer weinig of geen ventilatie werd voorzien. De luchtvochtigheid in de kelder, afkomstig van verdamping vanuit de muur en toevoer vanuit de woonruimtes, condenseert onmiddellijk op vloeren en muren omdat de oppervlaktetemperatuur in een kelder sterk kan dalen en de luchtvochtigheid kan oplopen tot boven 70% R.V. (Relatieve Vochtigheid). Dit zijn ideale omstandigheden om op sommige plaatsen condensvorming te krijgen. Daarenboven kunnen een aantal schimmels zich reeds beginnen ontwikkelen bij een luchtvochtigheid boven 70% R.V. Zo'n kelders worden dikwijls niet meer gebruikt en blijven gedurende lange tijd gesloten waardoor het probleem zich sterk kan uitbreiden. Nochtans is de oplossing dikwijls zeer eenvoudig.

Interne condensatie

Bij interne condensatie ligt het dauwpunt in de muur. Dit kan in het metselwerk zijn, maar bijvoorbeeld ook in de spouw. Interne condensatie ontstaat doordat de dampdruk binnen hoger ligt dan buiten. De waterdamp gaat doorheen poreuze materialen, tenminste indien geen dampscherm aanwezig is.

Condensatie van rookgassen in schouwkanalen

Een moderne verwarmingsinstallatie werkt op temperaturen tussen 45C en 55C daar waar de vroegere systemen temperaturen moesten halen boven de 70C. De ketels moeten hierdoor minder energie gebruiken om het water op te warmen, waardoor de rookgassen ook minder warm zijn. Indien deze koudere rookgassen door een te grote schouwopening afgevoerd worden, kunnen zij vroegtijdig afkoelen en de waterdamp in de rookgassen zal vroegtijdig condenseren. Hierdoor ontstaat water in het schouwkanaal dat op termijn een vochtige en donkere plek vormt in de ruimte waar het schouwkanaal doorkomt. Vooral installaties op gas bevatten zeer veel waterdamp in de rookgassen.

Gevolgen

Condensatie en langdurig hoge luchtvochtigheid zijn gunstig voor de ontwikkeling van schimmels. Deze zijn vrij gemakkelijk te detecteren door de 'muffe' geur die ze verspreiden. Bij dergelijke omstandigheden zijn het de grote hoeveelheden sporen in de lucht die voor gezondheidsproblemen kunnen zorgen.

De meest voorkomende schimmel in combinatie met condensatie is de Aspergillus Niger, een zwarte vlekvormige schimmel. Ook andere schimmels kunnen zich ontwikkelen, afhankelijk van de ondergrond en de omstandigheden. Zo kan men bijvoorbeeld groene en gele schimmels, en zelfs witte schimmels vinden (die vaak verward worden met zoutuitbloeiingen). De schimmelvorming is het meest verontrustend, niet enkel wegens de onaangename muffe geur, maar ook door de schade die zij veroorzaken aan decoratiematerialen en stofferingen.

Hygroscopiciteit

Een gevolg van hoge luchtvochtigheid is dat de bouwmaterialen door de hygroscopische eigenschappen waterdamp beginnen op te nemen, waardoor de muur en vloer langer vochtig blijven. Dit zijn ideale omstandigheden voor het ontwikkelen van schimmels.


SD Services BVBA, Brusselsesteenweg 252 - 3020 Veltem (Herent), Tel. 0473 937 837
Copyright © SD Services BVBA, 2002 - 2012